Internationale dag tegen Ouderenmis(be)handeling: Doorbreek het taboe

Door Peter Persyn op 14 juni 2018

Ouderenmis(be)handeling is in Vlaanderen nog steeds miskend en onderschat. Nochtans waren er in 2017 16% meer meldingen van ouderenmis(be)handeling dan in 2016.  Peter Persyn (N-VA) wil naar aanleiding van de Internationale dag tegen Ouderenmis(be)handeling deze problematiek uit de schaduw te halen. “Wellicht zijn die cijfers nog een onderschatting van de problematiek. Als we één ding vaststellen is dat rond ouderenmis(be)handeling in Vlaanderen nog steeds een taboesfeer hangt. Daarom moeten zorgverleners over de nodige kennis en kunde beschikken om te kunnen optreden als “knipperlicht” en als eerste aanspreekpunt voor de ouderen of verontruste personen in hun omgeving.”

Ouderenmis(be)handeling is een reëel probleem, ook in Vlaanderen, zegt Peter Persyn: “het probleem kan allerhande vormen aannemen: in 30% van de gevallen is er emotioneel geweld mee gemoeid, in 20% van de gevallen fysiek geweld en in 15% van de gevallen economisch of financieel geweld”. Het aantal melding neemt toe. In 2017 waren er in Vlaanderen 505 officiële meldingen van ouderenmis(be)handeling, een stijging met 16% tegenover 2016 (436). In maar liefst 85% van de gevallen vindt de ouderenmis(be)handeling binnen een familiale context plaats. In 75% is de partner, zoon of dochter de dader is.

Vlaams volksvertegenwoordiger Peter Persyn (N-VA) wil deze problematiek in Vlaanderen uit de schaduw halen. “Als we één ding vaststellen is dat rond Ouderenmis(be)handeling in Vlaanderen nog steeds een taboesfeer hangt. Wellicht zijn de huidige cijfergegevens nog een onderschatting van de reële problematiek.”

De problematiek is dus groter dan gedacht, maar de drempel om te melden en/ of hulp te zoeken blijft erg hoog, wellicht vaak uit schaamte. Slechts in 2% van de gevallen doet het slachtoffer zelf de aangifte van Ouderenmis(be)handeling. “Dat slachtoffers zo moeilijk zelf naar buiten treden benadrukt de noodzaak om verder in te zetten op preventie en sensibilisering. Hierbij is een belangrijke rol weggelegd voor professionele hulpverleners in de thuiszorg en de eerste lijn”, zegt een verontruste Persyn. “Zorgverleners moeten dan ook over de nodige kennis en kunde beschikken om te kunnen optreden als “knipperlicht” en als eerste aanspreekpunt voor de ouderen of verontruste personen in hun omgeving.”

Daarnaast dienen onze ouderen op een laagdrempelige manier geïnformeerd te worden over de risico’s en over de mogelijkheden om dit te melden. Tenslotte zou de overheid ook meer gegevens moeten verzamelen over de profielen en de (contextuele) factoren die de ‘de daders’ hiertoe drijven. “Op termijn kunnen dergelijke analyses en daderprofielen ons helpen om situaties van ouderenmis(be)handeling te voorkomen, vroegtijdiger te herkennen en desgevallend sneller en meer gericht in te grijpen”, besluit Persyn.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is